Mandaatregeling

Per 4 januari 2010 is de nieuwe mandaatregeling van kracht.

Het besluit

Het college van B&W en de burgemeester hebben dinsdag 22 december 2009 besloten een nieuwe mandaatregeling vast te stellen.

De mandaatregeling verklaart ambtenaren bevoegd om besluiten te nemen en brieven te ondertekenen namens de bestuurders. Om welke bevoegdheden het gaat en onder welke randvoorwaarden, is in de regeling omschreven. De belangrijkste randvoorwaarde voor mandaat is, dat ambtenaren altijd strikt gebonden zijn aan wetten en verordeningen, goedgekeurde begrotingsposten, vastgestelde en toegekende budgetten, vastgesteld beleid, en eventuele aanwijzingen van het bestuur zelf.

Het stellen van die randvoorwaarden is nodig omdat de ambtenaren geen bestuurders zijn. Het college en de burgemeester blijven zelf als bestuurders volledig verantwoordelijk voor de besluiten en brieven die de ambtenaren namens hen opstellen en versturen. De bestuurders moeten uiteindelijk ook verantwoording over die besluiten en brieven afleggen, bijvoorbeeld tegenover de gemeenteraad, of in bezwaar- en beroepszaken. Als er geen duidelijke, vooraf vastgesteld beleid of richtlijnen zijn, is mandaat dus niet aan de orde. In die gevallen moeten de bestuurders zelf een beslissing nemen.

De nieuwe regeling heeft in grote lijnen betrekking op uitvoering van:
- Algemene Plaatselijke Verordening,
Algemene subsidieverordening,
aanbestedingen,
belastingwetgeving,
Drank en Horecawet,
Huursubsidiewet,
Monumentenwet,
Regeling Gehandicapenparkeerkaart,
reisdocumenten,
rijbewijzen,
verkeerswetgeving,
Wet Gemeentelijke Basisadministratie,
Wet Inburgering,
Wet Kinderopvang,
Wet Maatschappelijke Ondersteuning,
Wet Milieubeheer en aanverwante milieuwetgeving,
Wet op de Kansspelen,
Wet op de Lijkbezorging,
Wet op de Ruimtelijke Ordening,
Wet Werk en Bijstand en aanverwante wetgeving en regelingen voor sociale zorg,
Winkeltijdenwet,
Woningwet;
- aangaan van financiële verplichtingen in overeenkomsten met derden,
- financiële administratie,
- rechtspositieregelingen voor bestuurders en ambtenaren,
- taxaties van onroerende goed,
- verkoop, verhuur of ingebruikgeving van gemeentegrond,
- verzekeringen